Sinteressante dingen : wat ik in mijn schoentje vind …

” O, dat waait wel wel weer over, ” dacht ik vorig jaar nog, toen de minstens 800-jarige het over de daken hossen weer voor een jaartje voor bekeken hield, en de Spaanse appeltjes van Oranje ging plukken.

Niet dus. De storm voer mee op de stoomboot, maar in plaats van af te zwakken, of – stel je voor – te gaan liggen, zwol ie aan.

Culturele traditie en maatschappij horen bij elkaar als pen en papier. Folklore kleurt het grijze van alledag. Grijze celletjes zijn ok, maar verder … Als één traditie fout zit, dan zijn er aan al die andere ook wel vlekjes.

Het idee van alles op de schop doen, mag dan wel het fairst zijn, ik word er bepaald niet blij van. Misschien omdat ik niet van éénheidsworst hou. Of misschien omdat de politieke correctheid van Zwart zo haaks komt te staan op het plezier van Pakjesavond / Sint’s verjaardag.

Ouwe tradities een hypermodern etiket opplakken, dat aanvallen en verder niks klaarmaken, ik kan er maar niet bij. Vooral als ik bedenk dat de zwarte medemens wél zonder onderscheid mag sneuvelen aan ebola, of aan andere plagen die op onze bolkant niet eens meer die naam hebben …

Als nu eens de energie die in deze redekaveling gaat zitten daar naartoe zou gaan ! Dat zou het ‘zachte kantje’ ten goede komen !

Maar tja, stormen beslissen nou éénmaal graag zelluf wanneer ze gaan liggen.

Intussen kijk ik dus braaf – ah ja, want stoute kindertjes krijgen niks – naar de intrede van de Sint op tv, en maak Pietjes .

Verder check ik ook regelmatig m’n Pandoradoos. Give-away-gewijs fungeert die dit jaar als mijn schoen, en ik wil zien wat er in zal komen te zitten.

Eind november kan ik ‘dank u Sinterklaasje’ zeggen : mijn minizine has arrived ! Ik vind het een vernuftig kleinood : mijn little grey cells geven een eresaluut aan het cerebellum van mijn persoonlijke Sint.

Maga- en minizines zijn het leukst als je d’r ook echt wat mee doet : daarom wil ik graag het opdrachtje beschrijf een moment in je herinneringen van intens geluk vervullen. Laat jezelf via mijn hoofd terugflitsen in de tijd, beste lezer.

Ik heb voor een zoet moment gekozen, dat prima past tussen al die sjoklatten Sintjes. Het is de dag van de mondelinge verdediging van mijn eindwerk.

Hoewel ik me een Duracellkonijn voel, krijg ik niks voor elkaar. Daarom smeert die andere sukkelaar die ontieglijk vroeg z’n bed is uitgejast, Vadermans, m’n boterhammetjes. Met Nutella.

Ter opkrikking van m’n ‘moral’. Maar net zo goed in de hoop, dat de choco m’n zenuwen bedwingt en m’n celletjes ervan gaan wérken. Want aan het éénzijdige hellllluuuuuuuuuuuuupp dat ze die morgen doorseinen heb ik niks. Ja, een herkansing straks, maar met een grootscheepse migratie in het vooruitzicht is dat effenaf geen optie.

Vraag me niet hoe – die vraag is ook een eindwerk waard – maar ik speel ze binnen, zonder smodderen, en we gaan.

Goed, we zijn een staatsie verder. Maar ik heb nog niet het voorkomen – om het met Hyacinth te zeggen – van iemand die forcefull & executive is.

Gulliver kijkt steels opzij, zegt niks en neemt een CEO besluit. Hij wil zo traag mogelijk de weg onder z’n wielen door laten schuiven.  Niet alleen krijg ik zo tijd om in de wirwar van schema’s m’n weg te vinden, ’t beschermt me ook enigszins tegen het effect van anderen die ook nog naarstig op zoek zijn naar het aan-knopje van hun hoofd.

Hoe het dan allemaal ging ? Het onderwerp : dik ok. De bronnen erbij : onbestaand. Boehoe. Maar : dat hoort bij saillante onderwerpen, toch ? De uitkomst voor dit obstakel : een (co)-promotor.

Het idee hierachter : bonus.  Wat je écht krijgt zijn thesisbesprekingen met veel gedoe. Heisa omdat er bij het overleg geen koffie of thee is.

Nu ik weer mijn eigen kalme zelf ben en naast een thesis geen 14 andere examenwerkjes in elkaar hoef te draaien, zeg ik : Coffee for president. Toen – opgedraaid, kierewiet door al die ‘examenwerkjes’ – en gekweld door dromen van in de soep draaiende thesissen, zei ik tegen dat koffiegezeur FOERT, vertrok, en liet m’n proms aan hun lot en aan elkaar over.

Niet te filmen. Zelfs m’n moeder, niet gauw stoep gezet, staat van dit pandemonium paf. Dan rinkelt de foon. Het is Prom. Voor mij. De Apocalytische toestand zat, is het mijn moeder die de dialoog aangaat.

Allervriendelijkst verzoekt ze Prom deze impasse te doorbreken. Want ze wil toch niet de Prom zijn die met een gebuisde student blijft zitten, bij gebrek aan een koffie ? Vervolgens geeft ze Prom tips voor een charme-offensief. Er liefjes aan toevoegend dat, als ’t ni lukt, ze nog liters koffie zal nodig hebben voor deze poppenkast klaar is.

Tegen die achtergrond stap ik dus met de bibber een lokaal binnen waar naast de examinators nog zo’n slordige 40 man opeengepakt zit.

Ieder kijkt op, als mijn vader na een kus naar z’n wagen beent.

Je raadt het al : dààr wordt op doorgevraagd. Ik repliceer : Demise is mine, victory ours. Voor de vragensteller hierop iets weet te verzinnen, zeg ik gevat  : Gaat u naar de eindwerkverdediging van zoon of dochter met hun akkoord ?

Een uurtje later pluk ik m’n vader uit de driver’s seat. Hij leest het antwoord van mijn gezicht en haast zich naar binnen, om de rol van glunderende papa op zich te nemen. Iedereen en niemand praat ‘m bij.

Hoewel ik wel nooit zal weten wat ie dacht, heb ik zoete herinneringen aan die dag met mijn vader – en vooral aan die autorit.  Het resultaat ervan was een beetje zoals wakker worden op Sinterklaasdag en veel witte Sintjes zien …..

 

Advertenties

8 gedachten over “Sinteressante dingen : wat ik in mijn schoentje vind …

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s