Tagarchief: blogdip

Retrospectief : sequens

seo zoekmachine optimalisatie

Vandaag het vervolg van mijn vierluik, dat hiermee steels een vierluik + wordt. Hoe verging het mij in die nieuw ontdekte letterkeswereld ?

(Voor wie even wil teruglezen, deel I staat hier.)
Ariadnesdraad als constante

Ik schreef, schreef en schreef. De lange donkere nachten weg, en helderder gedachten tegemoet. Het bedenken en uittikken van columns bleek ideaal om mijn concentratie terug op peil te krijgen. 700-900 woorden, dat redde ik nog nét. Allengskens werd mijn aandachtsboog groter, en hoefde ik het journaal niet meer op te nemen en tig keer terug te spoelen om op wereldniveau iets op te pikken.

Het blogritme gaf een zekere structuur. Nodig om tot iets te komen. Hoe idyllisch een nieuw leven ook mag klinken, als ‘ t plotsklaps bij je op de stoep staat, is het heel andere kantuit …

Jij schrijft, wij lezen stelde een eerste doelletje. Nieuwsgierigheid en lezersverwachtingen schiepen regelmaat. Een echt hoefijzer.

Blogeffect : rust en regelmaat

Schrijven en gelezen worden, beïnvloedden mijn gedachten positief. Onmiskenbaar was dit creatieproces een sterke opponent voor de verbijstering die regelmatig een robbertje met me uitvocht. Eén van m’n missive’s was een virtueel partijtje waarop gezellige blogvisite kwam : een op schattenjacht zijnde pottenbakster. Ik viel voor haar Appeltjes en andere klei-creaties, en zij voor Ariadnesdraad.

Een ander blogeffect van mijn gewaardeerde schrijverijen was rust. Helemaal toen bleek dat lezers zich zo om me bekommerden dat ze mailden tot een terugbericht na een rondje casino.  Blogzorg is empowering.

Ik wil dat je me ziet, zelfs al ben ik er niet.

Ik kreeg een vangnet. Voelde me minder tweedehands. Bloggen en alles daar op en rond gaf me interactie en inspiratie. Lucht, om de sores rondom beter de baas te kunnen. In één van z’n mooie comments schilderde Bentenge een tafereeltje ‘Kerstsfeer-op-komstige-groet’ dat me daadwerkelijk door die eerste aartsmoeilijke Eindejaarstijd hielp. Ook vandaag kruiden mijn lezers alledag.

Stukje bij beetje ging ik zien dat Ariadnesdraad een kans was om afstand te overbruggen. Een troost-tool, die de spagaat van ‘overal tegelijk zijn’ voor me maakte. Ik wil dat je me ziet, zelfs al ben ik er niet. Tastbaar dichtbij, on screen !

Al lezend praten met

Op afstand nabij zijn heeft wat, maar alleen als de tegenpartij er vanaf weet, natuurlijk. Alleen, hoe zou Vadermans reageren op deze sleutel tot hoofd en hart ?

Ik dubde nog wat, terwijl ik voor mezelf uittekende waarover ik ’t allemaal niet zou gaan hebben en zag daardoor een zekere gelaagdheid in mijn stukjes ontstaan, die me wel zinde. Het had wel iets, om op meer dan één echelon leesbaar te zijn. Madddox zou hierover een boeiende gedachtenwissel met me aangaan. Dat gaf zonneklaar aan dat ‘al lezend praten met’ een krachtig blogeffect is.

Zo’n gesprek dat je kan oppakken of laten rusten wanneer het uitkomt, dat was toch echt wat voor Gulliver. Rechtstreeks was het verdriet vaak zo immens, dat ‘laat ons maar zwijgen’ de enige optie scheen.

Dat was één overweging. De andere, die me Ariadnesdraad deed onthullen, was van veel praktischer aard.

Vadermans surfte even fluks door het hele internetgebeuren als ik. Zoniet gezwinder. Tegen die achtergrond, zou ie wel es rappekes op een stuk met mijn signatuur kunnen botsen. Dat wilde ik  gekaderd hebben.

Daarop ging Gulliver dus braaf aan de lees. Dat ie wat met mijn neergepende conversaties deed, bleek twee maandjes nadat ik over de tocht van mijn I-pod naar de Filistijnen berichtte. Ik kreeg voor Kerst een nieuwe.

Toen Vadermans me telefonisch dit kado annonceerde, kon ik enkel ‘Hhuhh ?!’ denken, en later ‘O ja, Ariadnesdraad ! Had ik zo goed over censuur nagedacht, werd ik toch nog verrast !

Teruglezen en groei zien

De vavavoem van mijn persoontje is wat terug. Wat is het prettig om dat via mijn eigenste blogarchief te bemerken ! Pittig, met hier en daar een hoek af en wat geblutst. Eigenzinnig, en niet in een niche te zetten. ’t Zal mijn aversie voor vakjesdenken wel zijn die me tot omniblogger bombardeert. Oeps, toch een hokje …

Mijn draadjes brengen nog immer lezers naar het labyrint dat mijn hoofd heet, en hoewel ze zich soms wel es afvragen waar de uitgang is, klinkt  ‘echtigentechtig‘ hen plezierig in de oren. Sterker nog, Ariadnesdraad is een pop-up in het hoofd, zonder de exacte inhoud van mijn stukjes (nog) te kennen. Ikke blij !

Ariadnesdraad heeft me leesplezier en kadootjes gebracht. De meest bijzondere in dit rijtje is Toetemie, mijn fluffy huisgenootje*, die een speciale band heeft met mijn meest pluizige lezer, Toet

Een heuse Toet-groet van haar, bovenop mijn dank voor al het verrichtte leeswerk op dit blog is jullie deel, beste lezers.

Jullie zijn een fantastisch publiek ! Zeg dat ik ’t gezegd heb !

—————————————————————————

N.B : Dit vierluik krijgt na een specialleke volgende week, nog een epiloogje. (30/11) Stay tuned !

* Toetemie is een Cliniclown-muis, gekregen via Wiebeltjes.

 

Retrospectief

seo zoekmachine optimalisatie

Eind oktober al stelde ik een vierluik voor aan de lezers van dit blog. De tocht door November zal voor mij nooit ‘gewoon’ zijn. Retrospectief linkt dat ook aan Ariadnesdraad …

De alfa van Ariadnesdraad

Op de vraag “Waarom bloggen ?” zijn de antwoorden legio. De drijfveer ‘omdat je niet weet waar uwe kop staat’ is dat allerminst.

Tja, het gesternte waaronder Ariadnesdraad van start ging, is niet whoop-whoop te noemen. Na de bom die op mijn leven gedropt was, was ik gedesoriënteerd. ‘Alles wordt anders,’ was het enige dat vaststond.

Donker is de nacht

Hoe dat NA er zou uitzien en hoe ik me erbij zou voelen, was duister. Het antwoord lag alvast niet bij mijn directe omgeving , want die was ziek, daardoor overbelast en minstens even ontwricht als ik. Verdriet delen is iets wat ik sinds betwijfel. In het beste geval zit jij op jouw eilandje te weten dat de andere zich op het zijne even belabberd voelt, en vice versa.

Na een behoorlijke poos aanrommelen, begon het leegtegevoel me te storen. Goed hoor, al die probleembesprekers, maar ze praten alleen maar – met wat pech ook nog over iets dat ver van hun bed staat. Er doorheen moet je zélf.

Blogwizard zei niets, en zag het met bezorgde ogen aan. Aan het verdriet viel weinig te veranderen, maar met de verzuchting dat ik wat wilde dat er helemaal los van stond, kon ie wél wat.

To blog or not to blog ?

Levendig stonden hem nog die lijvige boekbesprekingen uit het middelbaar voor de geest, annex de hele schare werkstukken, met als kroon daarop een eindwerk dat ie deels voor me uittikte.

Prompt opperde Wizard een blog te starten.  Vol begeestering als ie was, zag ie de voordelen van schrijven voor me in : ik kon het oppakken of laten rusten. 

Van geesten was bij mij enkel sprake bij nachte : de gebeurtenissen hielden me uit m’n slaap. Daardoor had ik in mei 2011 nog niet eens het concentratie-vermogen van ’n goudvis. Hoe zou ik dat gaan klaarspelen, bloggen, met een focus van ergens min dertig ? Ik zag d’r een groot beest op kruipen.

Hiervoor had Blogwizard ’n pasklare oplossing : hij zou ’t blog gebruiksklaar online zetten. Ik hoefde alleen de naam en wat paswoorden te verzinnen en te zien of stukjes schrijven wat voor me was.

Daarmee bleef me een boel IT-gehannes bespaard, en het idee ging me steeds meer aanstaan.

Focus verleggen ?

Mirakel : ik kreeg er project ‘hypothetischblog’ bij, waardoor verdriet niet meer met àl mijn aandacht aan de haal kon. Ik moest gaan nadenken over wat, waar, wanneer, hoe vaak, wat niet ? Dat klinkt als een plan.  Een plan dat Ariadnesdraad ging heten, want dat zongen mijn ‘little grey cells’ aldoor.

‘Ik neem een blog !’ besluit ik finaal, nadat ik tussen m’n spullen een boekbespreking aantref, waarop ruim 20 jaar geleden Meneer Nederlands schreef : “Dit is niet alleen in lengte, maar ook in diepte zeer goed uitgewerkt…” Als ie dat toen al kon zien, zijn m’n schrijverijen vast niet zo beroerd. 

Maar ach, ik ga tenslotte geen regeringsnota voor Belgenland schrijven. Ik hoef alleen maar te kijken naar wat ik zie gebeuren.

Mijn celletjes stellen gerust : ik kan terugdraaien bij ‘niet leuk’. Stilletjes, alleen voor mij hoorbaar, voegen ze er aan toe : “Je hoeft er niet voor in de make-up, of de deur uit. Schrijven kan altijd, ook met rode ogen … Yep, ’t zijn durvers, die ‘grey ones’ van me !

Door mét mij naar een project te zoeken dat me paste als een handschoen, en daarvoor ook nog es ’n leeuwedeel aan werk op zich te nemen, gaf Blogwizard me iets buitengewoons : rouwzorg. Voor mij alleen, en weg van platgehamerde boutades. Een onbetaalbaar kado, beste lezers

Ariadnesdraad als constante

Daar ging ik, in augustus 2011, met de bibber en wat kinderziektes. Ik schreef me een slag in de rondte om een noemenswaardig archief te krijgen. Nu zou ik voor ‘the big launch’ eerst een poosje ‘droogschrijven‘. Maar ach, het ging zoals het ging. Best goed, want Ariadnesdraad werd snel opgepikt

Lezers van het eerste uur : ik zwaai even naar jullie !

Ik was zowaar een nieuwe wereld ingerold, met een bijzonder vangnet nog wel …

                                              ———————

Tot zover deel I. Deel II van Retrospectief is overmorgen op je scherm te zien.

 

Veertien is het nieuwe getal

Uploads vanaf je telefoon

Bron : Weheartit

17 oktober is een mooie dag om de draad weer op te pakken. Yes, I’m back, beste lezers. Na iets meer dan 14 (!) dagen.

Eerst zei de schrijfmuze ajuu met de parapluu. Toen kwam deze stoorzender nog eens langs. Zei dat ie me niet kon missen en bracht een kadootje mee. Een (blog)dip. Mijn computerscherm liet maar heel sporadisch iets zien.

Been there, done that –  nog altijd niet. Maar het neemt wel onverwachte wendingen.

Trek me uit de Vlaamse klei, zingt Raymond. Bijlange na niet hard genoeg. Dat heb je nou met al dat gemurmel. Ze horen het hierboven niet. Ik zit dus nog steeds in de slemp. En : het eind van al die moddertoestanden is nog niet nabij.

Hm. Over naar passie en natuur dan.

Tja, zoetjesaan kan je wel stellen dat het een lijdensweg is, die grondwerken. Zeker als de natuur je wel erg dicht benadert in de vorm van een rioolgeur in je keuken.

Je eetlust keldert ervan, en je goeie hum al helemaal, laat me je dat vertellen. 

Al dat gekoter en gepruts dat buizen en leidingen aansluiten heet, gaat nog wel eens mis. Dan komen er “odeurtjes” vrij die je niet gedroomd wil hebben, laat staan een volle week belééfd.

De loodgieter bij wie ik mijn nood klaag, grijnst opgewekt in mijn telefoon-oor. Blij waarschijnlijk, dat hij niet de stank in hoeft.

“Ha, mevrouwtje !  U bent helemaal niet alleen.  Uwe sifon* doet het prima, ’t zijn de ondergrondse leidingen. Kan ik weinig aan doen. Verdwijnt meestal vanzelf, na een paar (lange) dagen…”

To say it in shitty terms : het loopt me dun door de broek als ik denk aan de mogelijkheid dat het niet bij die paar dagen blijft … Stel dat het maanden duurt, of nooit meer weggaat. Moet er niet aan denken. Slecht voor de sereniteit.

In functie van mijn dierbare gemoedsrust loop ik dus al een paar dagen sniffend en snuivend in huis rond. Een jachthond op zoek naar spoor. Van geen geur, weliswaar. Echtigentechtig, die arme Mister Dog heeft concurrentie aan me.

Het is de goden verzoeken, I know, maar een fikse verkoudheid zou me welkom zijn. Mijn eigenste geurdetector heeft nood aan een time-out.

Nu we toch nose-eyes-ears doorlopen kan ik net zo goed het credo van de Dog Whisperer erbij halen om te zeggen hoe ‘t verder zal gaan : ” I have to follow through.” Boehoe.

Maar first things first. Ik heb immers een plicht te vervullen. Felicitaties per blog. Aan Prutsk … Euh, pardon, de jongedame die me tante noemt.

Ik startte dit vorig jaar op, en omdat tradities nu eenmaal herhalende dingen zijn, moet ik ook hier perseveren. Niet moeilijk, want het ruikt niet vies en het is zoet om doen.

Liefste Pruts, ik ben meeeeeeeeegafier dat dit het 14de jaar is dat ik jouw tantetje ben ! Het mag dan niet right on time zijn, het blijft waar.

Je bent  een collectie van de meest schattige – wat zeg ik – überschattige  centimeterkes. Je bent perfect zoals je bent. Van kop tot teen. Van binnen en van buiten ook.

Geniet maar van die toch al wel grote veertien ! Nog eens proficiat,

Kusjeuhs en een vreugdedansje !

———————————————

*sifon : afvoer