Tagarchief: God & Co

Witte Rook

Witte rook uit de Sixtijnse kapel. foto Alberto Pizzoli

Afbeelding via Google.

Cupido heeft onverwacht zijn portie aandacht meer dan gehad, en Ariadnesdraad daarentegen bijster weinig.

Ach, ’t zullen zeker die hogere sferen wel wezen waar het ventje in toeft.

Net als de rest van de wereld, lijkt het, de afgelopen weekjes.

Maar, om het met Franciscus I te zeggen : hier ben ik dan .

De Geest (der inspiratie) zorgde voor Witte Rook. Echtigentechig. Ook bij mezelf.

In een tijd waarin niet de broden en de vissen, maar de rookmelders zich wonderbaarlijk vermenigvuldigen – idem dito met de zenuwcrises als zulk  een onding voor de tigste keer je gehoor met een snerpend “ieeeeeeeeeeeee” aan stukjes scheurt en je nadien maar niet kunt bedenken hoe je het kunt laten ophouden met rinkelen in je hoofd – kijken we met zijn allen naar een Romeinse schoorsteen.

We kijken, kijken … en wachten net zo lang tot ons haar, niet langer vrolijk, erbij neer valt. Oftewel, tot er  “witte rook”  komt. Daarna bellen we niet de brandweer, maar luiden we de klokken. Paradox.

Oubolligheid mag dan wel de middle name van het Vaticaan zijn, op de kar van abdiceren (Beatrix), kronen (Nobelprijs EU), tronen (Willem-Alexander, strakjes), belonen (veeeeeel later, met rijstpap en gouden lepeltjes) en installeren zijn de “langgerokten” wél gesprongen. Tot zover de trendyness.

Habemus papam is dan al gelukt, maar die gaudium magnum* … da’s nog een ander paar pauselijke mouwen, me dunkt … it’s in the eye of the beholder.

Het kan aan mijn vrouwelijk oog liggen, maar ik zeg dat de afschaffing van het celibaat net zolang gaat duren als de tijd die nodig was om het in te voeren. Vermenigvuldig dat millennium gerust nog een paar keer als je het hebt over vrouwelijk priesterschap.

Dat zal zijn voor als de wereld – met man en muis – is vergaan en geen hond nog interesse heeft, wegens andere dingen aan het hoofd.

Wie wil er nou de hond in het kegelspel zijn?

Geëmancipeerd als ik ben, heb ik iets van : “niet warm, niet willen”. Vrouwen kunnen even goed in een te lange rok rondlopen als mannen. Of aan struisvogelpolitiek doen. Of uitspraken doen waarvan je echte tanden je uit de mond vallen. Hebben er evenveel recht op. Maar niet als noodoplossing, natuurlijk. 

Hoe de Geest ook zijn best doet om dat in het oor van de kerkleiders te blazen, het is nog niet zo ver. Nog geen sede vacante voor dames. Tja, de rook bemoeilijkt de transmissie, waarschijnlijk. Het is nog pontificaal njet in plaats van Amen.

We moeten blij zijn met kleine dingen.

Met een paus dus die niet “Paus de elf-en-dertigste” wil gaan zijn maar weer lekker gewoon bij één begint, die elegant nét niet over zijn eigen voeten valt en er toch niet de kluts bij kwijtraakt, en die in zijn gesprekken goeie middag, goeie avond en smakelijk eten incorporeert als normale frases.

Recht is recht : het deed mijn buis van Eustachius plezier. Jaaha ! Het was ook al weer veel te lang geleden.

De krakkemikkige toestand waarin Johannes Paulus II zich in zijn laatste jaren bevond, maakte het on-mo-ge-lijk wat dan ook van zijn discours te verstaan. In om het even welke taal.

En Benedictus, hoewel zijn naam ook wat zegt over goed je woord kunnen doen, stond zo strak tegenover een menigte dat het zelfs een Romeinse veldheer nog zou doen schuddekoppen …

Nu de rhetorica weer naar een ander niveau is getild kan ik maar hopen dat de rtt tussen God & Co** en de Heilige Vader weer gaat rinkelen … Wat zeg ik, roodgloeiend komt te staan.

In afwachting, want wonderen zijn niet van de rapste, is er hier gaudium magnum over de terugkeer van de inspiratie.

Habemus een blogstuk !

Vivat ! (en bedankt om te komen kijken, ook al stond er steeds weer hetzelfde)

___________________________________________________

* gaudium magnum : met grote vreugde

** God en Co : ik kon jammer genoeg geen geluidsfragment vinden. Maar ook de tekst is de moeite en brandend actueel !

De simpele zanger is een grote meneer

Zei ik in mijn vorige stukje nog dat ik hoopte dat de Geest me inspiratie zou sturen ? Nou, de sakkerse schelm heeft zijn kat gestuurd. Mijn ‘little grey cells’ seinden niets door. Behalve dan een wit blad met ‘geen inspiratie’ .

Ze wilden zon, zee en strand. Of toch minstens een terrasje om hun dorst te lessen …

Zo ’n hoofd alleen op een terrasje, da’s geen zicht, dus ben ik maar gevolgd…

Op een Pinksterzondag bij zomerweer snoof ik dus de geur van goed weer op, leed zeker geen kou en dacht : hier is mijn hart, deze stad is van mij.

’t Kan het gebrek aan zwarte thee geweest zijn, maar die Duvelse inspiratie kwam maar niet. Nog niet eens het kleinste ideetje voor een concept… Snif !

Tenminste, dat dácht ik. Maar : ik had de hint van Meneertje Geest niet begrepen.

Toen ik ’s avonds nog steeds in het inspirationele duister tastte, herinnerde diezelfde Geest zich weer zijn originele roeping en deed bij mij een lampje branden.

Tja, het zal een spaarlamp geweest zijn, denk ik.

Maar goed. De hint, die ik eerst niet vatte, bestond uit klank en beeld.

Want wat zie ik, als ik gewapend met m’n zapper de jacht op een late nieuwsflard inzet ? Iets veel beters dan het journaal. Ik zie de tv-compilatie van de Nekka-nacht 2012.

Dit Antwerpse initiatief, rond Nederlandse KleinKunst heeft elk jaar een centrale gast, die dan op zijn beurt weer een aantal mensen mag inviteren om liedjes uit  dat eregast-repertoire te vertolken.

Dit jaar was Willem Vermandere Nekka’s eregast. Ik ben al jaren fan van deze Vlaamsche bard. De manier waarop hij zijn gedachten en gevoelens kan omzetten in (gelaagde) vertellingskes en rijmseltjes, geflankeerd door doorvoelde muziek, vind ik weergaloos.

Vertelseltjes. Zo beschrijft Willem zijn werk, want hij vindt zichzelf een simpele zanger. Eerder een zegger dan een zinger. Maar verteld, gezongen of gespeeld, het klinkt allemaal.

Dat komt misschien omdat de teksten body hebben en emotievol gebracht worden.  Misschien ook omdat hij dicht bij zichzelf blijft. Het vorige leven van deze ex-kloosterling is immers nooit ver weg …!

Opvallend hoe deze man, die zich eerst buiten de wereld zette, diezelfde wereld zo scherp observeert en treffend beschrijft.

Met soms contesterende uitkomsten.

Denk hierbij maar aan Bange Blankeman of waarom niet, God en Co, waarin Willem zich luidop afvraagt waarom er nog geen een priesteresse is in de mannendictatuur, en zo het idee dat de vrouw enkel geschikt is als kokesse, of voor ’t blussen van ’t minnevuur …  aan de kaak stelt.

Maar terug naar Nekka nu, na deze pelgrimstocht van Vermandere-liedjes.

Jaa, ’t ware zeker een goe gedacht om Willem’s liedjes eens voor het voetlicht te plaatsen. Deze Nekka-twee* zijn echt aan mijn ribben blijven plakken.

 

 

Enjoy !

—————————————————————————————-

*N.B. : Nekka staat voor Nederlandse KleinKunst in Antwerpen. Volledigheidshalve moet gezegd dat De Stad tijdens Nekka 2012 zonder Walter de Buck werd uitgevoerd en dat de Onderweg-versie op dit blog die van Vermandere zelf is. De Piano-versie van Mira op Nekka is ook geslaagd, maar helaas heb ik hiervan geen filmpje teruggevonden van degelijke kwaliteit d.w.z. zonder interview-gekwek …