Tagarchief: Ma Douce Solitude

Carrot Clarinet : Swooning Saturday 12

Was het hier vorige week nog van ‘drum up the people and make some cycling-noooooiiiiiiiisee’, dit keer blaas ik Zwijmel-verzamelen vanuit ’n heel ander register. Eéntje dat zacht in het oor ligt, en net zo goed in de hand als je meest geliefde dunschiller.

There’s music in everything. Ook in food en heus niet alleen omdat je d’r soms van gaat zingen. Richting keuken, voor ’n zacht muzieksken, dus …

Met koken straf je me niet, beste lezers. ’t Is de HHM van m’n huishoudmanagement.

Handig, Haalbaar en Matig werk achteraf.  Handig als in : gestoorde motoriek-proof. Zijn m’n klauwiertjes dan niet geweldig, ik ben ‘r aan verknocht, en ’t oog van Mien Publiek wil ook wat, tenslotte.

Het betere hak- en snijwerk is me niet voorbeschikt, beste lezers. De Floere(n) days zijn om, dus liever geen sucadelapjes van –  letterlijk – eigen hand, dankje. Die dekselse Nortia heeft spijkers en hamer als attribuut, dat ze lekker op d’r eigen duim klopt !

Haalbaar dan. Zeg maar : budgetproof, basic, en fabriceerbaar zonder kookboek. Want pagina’s omslaan met paneer-vingers is behoorlijk blegh, ook en eigenlijk vooral, laaang na dat panko-receptuurtje !

Basic & budget gaan hand in hand, zolang die Zilveren Vloot maar steeds op de vergane Armada blijft lijken. Omdat het ermee gaat als met uitkijken naar Blauwbaard – “Zie je nog niets ?” meet ik komkommers, ui, tomaat en peekes* veelvuldig een andere gedaante aan.

Matig werk achteraf slaat natuurlijk op ’t kookslagveld achteraf. De vaat is zo vorige eeuws, dus die minimaliseer ik liefst lekker weg.

O, en Variatie is ook ’n moetje. Wegens jaaaaaaaaaren intern en dus niks te kiezen, afgewisseld met uitjes naar het casino, waarbij al die kunstmatige slaapjes me meestal nààst eetbaar lekkers deden en doen grijpen. Iets als ’n heerlijk eenpans-moussakaatje laat zich nou éénmaal niet zo simpel verslinden net voor of na een algehele anesthesie.

Voor m’n ‘heropstart’ volgende ziekenhuisronde misschien toch maar es de zoetgevooisde klanken van de ‘Oranjepunt’ proberen ?!

Kust nu mijne frak !”, scandeerden de ‘grey ones’, toen ze ene Linsey Pollak een winterpeen te lijf zagen gaan met een drilboor !? De olifant sloeg de mug niet dood. Allesbehalve, zelfs ! Mondstukje erop, ’n trechtertje eronder en “hoi” aan die hippe blazer die wortelklarinet heet.

The coolness of the thing lijkt me ‘geworteld’ in de zwierige hantering van een alternatieve zilvervos die een verduveld goeie instrumentenbouwer is. Met showgevoel, bovendien.

Pollak bouwt het momentum zodanig op, (tot 04:27) dat per drilling ’n almaar groter vraagteken ontstaat op het gezicht van die andere grijze eminentie, Paul Witteman, die Podium verleent aan de smakelijke alliteratie ‘Carrot Clarinet.’

Well, he ate nor shoes, nor carrots, maar luisterde vergenoegd. Net als ik. En het eerstvolgende worteltje dat bij me op de guillotine komt te liggen, kan gerust zijn : ik ben wég van zijn klank(kleur) !

Voor de gegadigden : ik zet m’n verdubbelaar in. Twéé filmpjes in de aanbieding. Het eerste is Podium Witteman. Heerlijk showtje an sich, maar de klarinet zingt wel heul kort (pas vanaf 04:28). Wat weggeknipt is uit fragment 1, zit echter vervat in fragment 2. Doorschuiven naar 01:29 als je geen ‘overlap’ wil.

Zwijmelen op Zaterdag is een initiatief van Marja.

————————

N.B. : kust nu mijne frak is zowat hetzelfde als krijg nou wat en peekes is geen letterreeksje, maar simpelweg worteltjes.

 

De simpele zanger is een grote meneer

Zei ik in mijn vorige stukje nog dat ik hoopte dat de Geest me inspiratie zou sturen ? Nou, de sakkerse schelm heeft zijn kat gestuurd. Mijn ‘little grey cells’ seinden niets door. Behalve dan een wit blad met ‘geen inspiratie’ .

Ze wilden zon, zee en strand. Of toch minstens een terrasje om hun dorst te lessen …

Zo ’n hoofd alleen op een terrasje, da’s geen zicht, dus ben ik maar gevolgd…

Op een Pinksterzondag bij zomerweer snoof ik dus de geur van goed weer op, leed zeker geen kou en dacht : hier is mijn hart, deze stad is van mij.

’t Kan het gebrek aan zwarte thee geweest zijn, maar die Duvelse inspiratie kwam maar niet. Nog niet eens het kleinste ideetje voor een concept… Snif !

Tenminste, dat dácht ik. Maar : ik had de hint van Meneertje Geest niet begrepen.

Toen ik ’s avonds nog steeds in het inspirationele duister tastte, herinnerde diezelfde Geest zich weer zijn originele roeping en deed bij mij een lampje branden.

Tja, het zal een spaarlamp geweest zijn, denk ik.

Maar goed. De hint, die ik eerst niet vatte, bestond uit klank en beeld.

Want wat zie ik, als ik gewapend met m’n zapper de jacht op een late nieuwsflard inzet ? Iets veel beters dan het journaal. Ik zie de tv-compilatie van de Nekka-nacht 2012.

Dit Antwerpse initiatief, rond Nederlandse KleinKunst heeft elk jaar een centrale gast, die dan op zijn beurt weer een aantal mensen mag inviteren om liedjes uit  dat eregast-repertoire te vertolken.

Dit jaar was Willem Vermandere Nekka’s eregast. Ik ben al jaren fan van deze Vlaamsche bard. De manier waarop hij zijn gedachten en gevoelens kan omzetten in (gelaagde) vertellingskes en rijmseltjes, geflankeerd door doorvoelde muziek, vind ik weergaloos.

Vertelseltjes. Zo beschrijft Willem zijn werk, want hij vindt zichzelf een simpele zanger. Eerder een zegger dan een zinger. Maar verteld, gezongen of gespeeld, het klinkt allemaal.

Dat komt misschien omdat de teksten body hebben en emotievol gebracht worden.  Misschien ook omdat hij dicht bij zichzelf blijft. Het vorige leven van deze ex-kloosterling is immers nooit ver weg …!

Opvallend hoe deze man, die zich eerst buiten de wereld zette, diezelfde wereld zo scherp observeert en treffend beschrijft.

Met soms contesterende uitkomsten.

Denk hierbij maar aan Bange Blankeman of waarom niet, God en Co, waarin Willem zich luidop afvraagt waarom er nog geen een priesteresse is in de mannendictatuur, en zo het idee dat de vrouw enkel geschikt is als kokesse, of voor ’t blussen van ’t minnevuur …  aan de kaak stelt.

Maar terug naar Nekka nu, na deze pelgrimstocht van Vermandere-liedjes.

Jaa, ’t ware zeker een goe gedacht om Willem’s liedjes eens voor het voetlicht te plaatsen. Deze Nekka-twee* zijn echt aan mijn ribben blijven plakken.

 

 

Enjoy !

—————————————————————————————-

*N.B. : Nekka staat voor Nederlandse KleinKunst in Antwerpen. Volledigheidshalve moet gezegd dat De Stad tijdens Nekka 2012 zonder Walter de Buck werd uitgevoerd en dat de Onderweg-versie op dit blog die van Vermandere zelf is. De Piano-versie van Mira op Nekka is ook geslaagd, maar helaas heb ik hiervan geen filmpje teruggevonden van degelijke kwaliteit d.w.z. zonder interview-gekwek …