Tagarchief: memorie

Re-post : Gulliver’s Travel – Swooning Saturday 14

Sinds mijn Saturday’s Swoonen, staat de inspiratie-switch van de grey ones op on, beste lezers. Zo ook het knopje ‘deerlijk de tijd onderschatten, die gaat zitten in het opzetten van een blogstuk’. Daarom, en omdat het toen van destijds  – 2013 –  vandaag weer aan de orde is :  een rondje archives to the rescue.

Morgen alweer mei. Maand vol feestdagen en symboliek. Helemaal voor Vadermans en m’n moeder. In de vijfde van het jaar gingen zij namelijk trouwen, (van) elkaar houwen, plus ’n gezinnetje bouwen. De ooievaar bracht de dame op de roze wolk. Eigenlijk zou ie dat voor Bibi overdoen, maar raakte prompt van z’n kompas af en kwam dus in die andere maand met de M. Tja. Daarmee is natuurlijk wel m’n legendarisch ontbrekende richting-gevoel verklaard.

Behoorlijk wat ‘mei-en’ later, gaat Gulliver solo op reis. Uiterlijk alleen, innerlijk met twee. Naar de plaats waar hij en zij “wij” werden. Waar hij nu “hem met haar in zijn hart” zal worden.

De first journey blijft toch the One.  Op de tunes van Dua Lipa, een muzieksuggestie van Gulliver himself, allen dus nog ’s daarheen …

Ergens in maart laat ie voorzichtig zijn reisbootje te water. ” Ha, geweldig ! “, repliceer ik,” Wanneer vertrek je ? ” Stilte.

Ik sla hem met verstomming – en echtigentechtig, ik sta zélf paf van mijn snelle antwoord.

Maar werkelijk waar, wat een GOED idee. Dit zal hem helpen alles met een ander oog te bekijken en nieuwe invalshoeken te zien. Dus dat zeg ik hem, om de stilte die is gevallen, te doorbreken.

Telefoneren zonder praten is tenslotte een beetje gekkigheid.

Wat belletjes later is alles concreter.

Ja, hij heeft zich ingeschreven. Want ach, door een geldtechnisch gelukje is die single-room-taks toch geen ramp.  We praten z’n garderobe nog even door.

Hij twijfelt over het formaat van z’n valies, en ik, ik kom aan de weet hoeveel sokken hij nou exact heeft, en dat ie van hemden met streepjes houdt.

Bij de volgende rinkel is de single-room-taks van de baan. Ik hou m’n hart vast voor een melt-down.

Maar de travelling mood survives. Hij heeft een room-mate gevonden, bezoek voor mijn moeder geregeld en Mrs Cook & Clean strijkt ijverig hemden.  Net als ik een beetje bang, vermoed ik, dat hij zich zou bedenken …

Als Dumdiedummetje de volgende keer zingt, heeft ie vertrek en terugkomst geregeld en de formaatknoop van z’n valies doorgehakt.  Het wordt de grootste.

Tussendoor maken we ook samen een reisje, mijn vader en ik. In de geest.

We gaan terug naar zijn Banane-broek-tijd. Want stiekem kent hij zijn kamergenoot-op-reis dus al zoo lang. Hij schetst een beeld van de man. Ietwat apart. Precies wat hij nodig heeft. Hoewel mij onbekend, ben ik de man dankbaar, omdat hij drempelverlagend werkt.

Van de kindertijd gaat het naar de busreis van z’n leven. Samen met mijn moeder. Duidelijk een twinkel in z’n stem als ie zegt : “Maar samen slapen deden we natuurlijk niet …”

Alle joy en laughter daargelaten, is het natuurlijk wel een tikje beladen. Wat zal de impact zijn ?  Dat ie met joyeuse gedachten terugkomt, en op leuke dingen kan terugblikken. Hoop ik. Wens ik.

Vandaag vertrekken dus twee ventjes. Op een schitterende dag, naar Frankrijk.

Zonder tuinman, zonder klokken en misschien ook wel zonder bloeiende appelbomen – maar met zin, en mijn fiat.

Marja is initiatiefneemster van Zwijmelen op Zaterdag.

Keep me in your heart

‘De momenten waar het echt om draait in het leven, dat zijn er maar een paar. De gebeurtenissen waardoor we zijn geworden wie we zijn, staan als een brandmerk in onze ziel geschroeid. We kunnen er nooit van loskomen. Hooguit kunnen we ze beschrijven’. *

Want schrijven is dat praten zonder moet. Dus ik schreef.

Reeg de letterkes aaneen, zodat ze woorden konden worden die leidraad waren in dat plotse, labyrintisch verdriet. Neergeschreven houvast die tot me sprak bij ‘hoe nu verder ?’

Want : letterkes geven stem, perspectief, ruimte voor verdriet, distantie om overend te blijven.

En een weg vooruit. Die zag ik niet, wegens opgeblazen. Nu soms nog niet, maar ik weet : er is weer morgen.

Dus ik schreef. Een stukje afstand bijeen, om verder te kunnen zonder.  Maar niet vandaag. Vandaag heerst Keep me in your heart  & hold me in your thoughts.

Novemberverdriet.

—————————–

* : Cursiefjes zijn van De Groene Amsterdammer, op de achterflap van ‘De nieuwe achternaam‘ van Elena Ferrante.    

Parijs na de 13de : Paris s’éveille …

Parijs zindert ook na ten huize Ariadnesdraad. Toch al nooit vrolijk bij het Journaal, vallen dezer dagen me de echte tanden haast uit de mond van verbijstering. Als integer mens kan ik er maar niet bij. Bijhouden hoe vaak Molenbeek valt, is ook ’n gebed zonder eind.

Gebeden die de goeie borsten van deze gemeente overigens wel kunnen gebruiken. Om bij te huilen is het … Vanavond ook wel van ontroering.

Dit schoof via het Belgenlandse Canvas-net aan mijn oog voorbij en was de druppel op mijn toch al gloeiende Novemberverdriet.

Te mooi om niet te delen – al is de tekst dan niet de mijne. Ontroering is ’n warme pleister op een gewond hart.

Daarom graag plaats voor onderstaand betoog op Ariadnesdraad.

Een van de 129 mensen, die om zijn gekomen bij de aanslagen in Parijs, is de vrouw van de Franse journalist Antoine Leiris. Hij blijft achter met hun zoontje van 17 maanden. Op Facebook plaatste hij een krachtige brief aan de terroristen:

“Vrijdagavond stalen jullie het leven van een geweldig persoon, de liefde van mijn leven, de moeder van mijn zoon. Maar jullie zullen mijn haat nooit hebben.

Ik weet niet wie jullie zijn en ik wil het ook niet weten. Jullie zijn dode zielen. Als deze god van jullie, waarvoor jullie zo blindelings doden, ons naar zijn beeltenis geschapen heeft, is elke kogel in het lichaam van mijn vrouw een wonde in zijn hart.

Dus nee, ik ga jullie niet de voldoening geven om jullie te haten. Je wilt het, maar haat beantwoorden met woede zou een teken zijn van dezelfde onwetendheid die jullie gemaakt heeft tot wat jullie zijn.

Je wil dat ik bang ben, dat ik mijn medemens met achterdocht bekijk, dat ik mijn vrijheid opgeef voor mijn veiligheid. Jullie hebben verloren. De speler speelt nog steeds.

Ik heb haar deze ochtend eindelijk gezien, na dagen en nachten van wachten. Ze was even mooi als toen ze vrijdagavond vertrok, even mooi als toen ik halsoverkop verliefd werd op haar meer dan 12 jaar geleden.

Natuurlijk ben ik kapot van verdriet, die kleine overwinning geef ik jullie. Maar het zal niet lang duren. Ik weet dat ze elke dag bij ons zal zijn en dat we elkaar in de hemel zullen terugvinden, met de vrije zielen die jullie nooit zullen hebben.

Ik en mijn zoon, wij twee zullen sterker zijn dan ieder leger op deze aarde. Ik kan geen tijd meer aan jullie verspillen, aangezien hij net wakker geworden is van zijn middagslaapje. Hij is amper 17 maanden oud, en zal zijn snack eten zoals iedere dag. En daarna zullen we spelen zoals iedere dag. Het leven van deze kleine jongen zal gelukkig en vrij zijn.

Want jullie zullen zijn haat ook nooit hebben.”

Warm aan mijn hart – en in mijn hart. Gebeiteld pour toujours.

Amen to that !
  
Ontwaken in Parijs … na de 13de nooit meer hetzelfde .

 

————————————————–

Bronnen bij dit stuk : Antoine Leiris, auteur van de brief. Verder De Afspraak, een VRT/Canvas-programma, de App De Redactie en tenslotte volgende websites : deredactie.be en welingerichte kringen.nl

Je harde schijf verzorgen

Niet bang zijn, beste lezer, je bent niet al meer dan 220 postjes een incognito computernerd aan het lezen, je bent de weg niet kwijt – en je peeceetje ook niet.

It is still I, Ariadnesdraad. Dit is simpelweg een hulde aan de ingenieuze computer die we eigenlijk allemaal zijn.

Bart Peeters zal ’t me vast niet kwalijk nemen dat ik een regel uit Het Menselijke Brein tot titel promoveer. Want ik wil het vandaag hebben over de harde schijf die we allemaal hebben : ons hoofd.

21 septembember is Alzheimerdag. Dat brengt me terug naar de dwaaltocht in het hoofdelijke duister van mijn moeder.

Dit jaar werd mijn memorie getriggerd door Gulliver’s droge mededeling dat ie ‘de facturen’ had weggedaan (de verzorgingskosten toen mijn moeder niet meer thuis kon wonen, nvdr). Mijn hart zakte, bij zoveel bewijs van kosten en leed.

Eens te meer heb ik vrede – met haar nieuwe statuut van wolkzitter. Maar mijn hart zakt nog steeds, als ik aan al diegenen denk die nog volop in deze martelgang zitten.

Ik wil daarom graag een pluimpje opgooien naar alle verzorgers, die hun taak met een noodzakelijk eindeloos geduld uitvoeren. Not scolding, cursing and crying in de praktijk …

M’n loftuiging is door Vadermans aangeleverde content. Jaja, die Gulliver is niet alleen een schattige lurker die me tot schrijven zet, (“Ik heb nog eens gekeken, naar je blog ?”) hij blijkt ook ’n romantische Muzenzoon, die mijn celletjes op gang trekt met pakkende teksten*. See for yourselfs, beste lezers.

Over hoe het moet zijn, als je het hebt.

Alzheimer’s Request

Do not ask me to remember,
Don’t try to make me understand,
Let me rest,
And know your with me,
Kiss my cheek
And hold my hand

I’m confused beyond your concept,
I am sad and sick
And lost
All I know is,
that I need you
To be with me,
At all cost

Do not lose your patience with me,
Do not scold, or curse, ore cry
I can’t help the way I’m acting,
Can’t be different though I try

Just remember that I need you,
That the best of me is gone
Please don’t fail
To stand beside me
Love me till my life is done

Wijl jullie z’n kleine gloriemoment erop nalezen, ga ik ‘m bewijzen dat ik echt nog wel weet wanneer ie jarig is. Insert massa’s ???

De  vergezellende situatieschets is ’n foonconversatie waarin ik vroeg welke dag ie ook alweer exact jarig was – om af te kunnen spreken qua vervoer – en ik bij Gulliver toch ’n klein hartverzakkingkje bemerkte. ??!! Stilte. Daarna wederzijds gegniffel, toen mijn haastig ” Ik wéét wel wanneer je jarig bent,… ik bedoel de dàg.” Oeffff… !

Vadermans is weer gerust. Misschien nog niet over z’n verjaardagsgebak, maar wél over ’t feit dat ik kom. On the dot, en op de juiste dag nog wel. Geen sprake dus, van alweer plotseling verjaren

De taart-story krijgt dus een nieuwe episode, beste lezers. Definitely to be continued ….

Ik op naar lekkers !

 ————————————————————-

* van Author Unknown

Een verjaardag zonder – maar mét taart

Ik heb het geluk tante te zeggen tegen een hipster avant la lettre, beste lezers.

Moederszus is écht geen allehensje. Zerpig en kleurloos kan je haar allerminst noemen – joie de vivre is voor haar uitgevonden en er is altijd wat te draaien. Zeker tijdens het zomerreces.

Dan is ze druk met het clusteren van verjaarspartijen. Very hip, maar in haar geval geen novelty. Voor haar hoorde bij groot worden dat ‘alleman rondom’ z’n verjaardag in de zomerstop parkeerde. Het hep wat, en wat goed is moet je niet anders willen, toch ?

Led by example, it was destined to be, dat driekwart van Tantes kindervreugd de Summertime je van hét vond om te verjaren. Het andere kwart, hield ze voor hààr verjaardagsmaand : december. Partytime again.

Was ze vroeger al modisch, is ze nou hipperdepip, want tegenwoordig batcht * ze verjaardagen. Je moet tenslotte van gekkigheid wat, om taart-fatigue te voorkomen.

Want je zal het maar hebben : kroost’ s aanhang dorst ** jandorie OOK nog in Augustus jarig te zijn. Genre : ik vandaag, gij morgen. Hoe zot op zoet  – en hoe stuiterend van suiker ook, met 7(!) verjaardagen op niet eens ’t dubbele aantal dagen wil de laatste in de rij nog wel es sipjes naar z’n eigenste verjaardagsgebak kijken.

Neuh, dan the new generation  : tot ieders jolijt allemaal niet in hoogzomer een jaar erbij.

Ondanks genoemde taartgekte adopteerde Moederszus er met liefde en plezier nog een feestdag bij. Mijn moeders verjaardag …

De aanzet hiervoor lag in de nevelen van vergetelheid, die ervoor zorgden dat mijn moeder zich ten huize Moederszus als een visje in het water voelde, terwijl haar eigen woonstee té recent was om op veel animo te kunnen rekenen.

Er was Tante veel gelegen aan m’n moeders blijdschap, dus werd haar adres de feestlocatie. Vorig jaar, het eerste jaar zonder, wist Gulliver niet wat aan te vangen met mijn moeders verjaardag. Dus at ie samen met Tante maar een stukje taart. Zij had tenslotte de misericordia van dichtbij meegemaakt, en mocht ook wel wat opgepolleperd.***

Het werkte prachtig. Niet alleen de taart viel in de smaak, ’t idee erachter ook.  Dus bliezen we ook dit jaar weer verzamelen, om mijn moeder te vieren. Ieder gaf present, en ik, ik teken ervoor om met taart herdacht te worden. Nougatine rules, beste lezers !

” Ik Ben Een Zomerjong ” zei mijn moeder altijd. In haar geval meer dan waar. Letterlijk en figuurlijk.

Het moet wel haast zo wezen dat het zomerjong, als wolkzitter, aan de weerknopjes draait. Exact hetzelfde weer als twee jaar geleden. Zoel, zomers warm bij 27 graden, hoor ik Weathervoice zeggen in de vroege uurtjes van déze 12 augustus. Mijn moeders weer.

Het mijne ook. Vooral nu ik vandaag geen zwart mantelpakjes-vest aan hoef dat ik tegen de tijd van de koffietafel niet meer uit durf, omdat de zweetkringen in het T-shirt dat ik eronder heb, alles behalve matching zijn.

Nee, vandaag zet ik mijn witte zonnehoedje op, en ga de geur van goed weer opsnuiven. 

Per slot van rekening : je bent een Zomerjong of je bent het niet …

——————————————————————–

*   : batchen : samen laten komen

**  : dorst :  dialect voor durven

*** : opgepolleperd : opgevrolijkt

Ode aan Sjoklatteke

seo zoekmachine optimalisatie

Ken je die van dat vrouwtje dat ’s morgens opstond en dacht : dit wordt een dag waarvan ik steil achteroversla ? Die ging zo.

Laat september sta ik naast bed met kletterende cimbalen. Die morgen blieft het m’n celletjes een danske te placeren. Ze negeren fit en fluks m’n twee linkerbenen en zetten een pijnlijke choreografie in. Juist, beste lezers, Mr. Migrain is visiting, again.

Als de ‘grey ones’ een paar uurtjes later hun dansschoentjes over de haag gooien, galmt het hoorbaar ‘Oeffff’ in m’n hoofd. Gevolgd door een verre, vage, echo van ‘slecht nieuws’. Als een voice-over zal dit bericht de hele dag m’n gedachten doorkruisen. Om koekoek van te worden.

Ik ben die avond aan het bedenken waarmee ik mijn hersens tot de orde kan roepen, als Dumdiedummetje zingt. “Ja…, ehm, ik heb geen zo goe nieuws …,” hoor ik Gulliver zeggen. Mijn innerlijk kabaal valt opeens stil ?! Deze frase is een gekende aanloop naar een Jobstijding. Ook nu.

Malfortuna heeft toegeslagen : Sjoklattekes wederhelft is wolkzitter geworden. Ik ben onthutst. Vadermans, denkend dat ik ni mee ben, helpt me op weg : ” Je weet wel, Sjoklatteke, van school …

Of ik Sjoklatteke zou kunnen vergeten ! Mijn onafscheidelijke schaduw. Mijn redder in kouwe nood … Mijn kleine beschermengel. Samen konden we de hele  (school)wereld aan. Wat had ik haar graag eeuwig geluk gegund, en niet dit …

Het duurt niet lang, of mijn vader en ik halen herinneringen op aan de chocomelk van Sjoklatteke. O sweet memory !

Sjoklatteke werd Sjoklatteke in de kouwe winterdagen van de vierde klas. De directeur beende handenblazend binnen ; dat kon alleen maar betekenen dat de ‘sjoffage’ weer es wijlen was. Zumba, om warm te blijven, was geen optie, wegens weerbarstige motoriek. Alras bibberde ik haast uit mijn vel.

Sjoklatteke, die me kouwer en grauwer zag worden, trok m’n klappertanden niet en gaf me tenslotte hààr warme Cécémel te drinken. Werkte prachtig, als antivries. Alleen had zij nou niks warms meer, en wél nog kou.

Dus hobbelde ik in de ‘speeltijd’ het buro van het schoolhoofd binnen, om te vertellen waarom ik zélf niet in vloeibare warmte kon voorzien. Daarop mocht Sjoklatteke uit de les, om thuis een nieuwe lading te halen.

Wat zal Sjoks Mum ogen als schoteltjes gehad hebben, toen dochterlief ruim voor de bel thuis binnenviel ! Gelukkig had ze ook een groot hart, twéé thermossen en megaveel inspiratie qua warme drankjes …

Het regime van de kouwe-drank-bricks moest vallen, wilde ik niet als sneeuwpop eindigen …

Hoewel deze maatregel Spartaans lijkt, was ie oorspronkelijk gewoon probleembesparend.

Want mijn moeder wist waartoe die eigenzinnige motoriek van mij vaak leidde : een zeer nabije studie van de grond en een Sjoklatteke dat dan de netelige taak had me op te krikken. Doffe ellende, die je niet wil vergroten met zompige boekentassen door een gevalletje gesneuvelde thermos.

But desperate times call for desperate measures. Nu we onvrijwillig in een nieuwe ijstijd werden gestort, gold als kersverse strategie : Sjok twee thermossen, ik twee brooddozen. Later werd dit bijgesteld naar boterhammenruil.

Ja, beste lezers, ik was dat kind dat andermans lunch verorberde. Zonder represailles. Onze ouders kenden dit publiek geheim, maar lieten het er verder bij. We zagen er per slot van rekening happy & healthy uit.

Daarbij kwam dat ons beider mums wel opgedaan waren met het culinaire compliment dat ze kregen. Win-win all over. Ik bleef warm, dus m’n moeder beloonde Sjoklatteke’s geniale inval wat graag. Met broodjes ei, die Sjok hemels vond. Anderzijds vond ik de bokes rauwe hesp van Sjoks Mum helemaal niet verkeerd – tot jolijt van Sjoklatteke, die ze graag aan me sleet.

Nu, in ’t donkerst der dagen, hoop ik dat iemand ‘mijn’ Sjoklatteke van ‘hot chocolate’ voorziet. Want zoiets warmt het hart, en dat gevoel gaat niet verloren …

Sjoklatteke(s) for the world !

 

Ode van Bart Peeters aan Luc De Vos vind je ook hier.

Memories And Silent Whispers

Bij m’n huisfoon staan we ingelijst, de Dame op de roze wolk en ik. Ceremonieel opgetut, compleet met zonnebanktintje en make-up.

We kijken elkaar zijlings aan. Zij mysterieus en wat naar binnengekeerd. Ik, breeduit lachend. Niet zo gek, want ik ben, als zus, eregast op haar bruidsfeest. Daarom spijbel ik die vrijdag regulier en kom zo ook een dagje eerder weg van ’t door mij hartgrondig verfoeide internaat …

Zo scherp als de gedachten van mijn kwarteeuw jongere ik me voor staan, zo omfloerst zijn de hare. En ik weet : dat blijven ze. Want : “dan” komt niet meer, enkel nog toen.

Telkens ik voor de foto sta, heb ik de neiging voorover te buigen om haar stille, samenzweerderige fluistering te kunnen verstaan : ‘Wilde-nu-is-wa-weten?’

Haar gedachten blijven onbereikbaar. Maar het adagium van de memorie misschien niet. “We willen allemaal herinnerd worden.” Op ons mooist.

Schoonheid, dàt is de kracht. Van herinneren. Van de foto. En van haar.

Microblog naar een concept van Passie voor Schrijven

Death Shall Have No Dominion

Wie Ariadnesdraad een beetje volgt, weet dat ik zot zit van detectives. Geloof het of niet, maar ze zijn al wel ‘ns een springplank naar Poëzie gebleken.

The Land of Lost Content ontdekte ik door ” A Touch of Frost ” te kijken en deze mooie vertaling van Dylan Thomas‘ “And Death Shall Have No Dominion” zat verpakt in een ‘Silent Witness’.

Deze coupletten zijn – ook in vertaling – te mooi om niet te worden gelezen. In dit herdenkingsjaar zijn deze regels bovendien een klein eresaluut aan de overzeese doden, die huis, haard en wereld achter zich lieten om mee de fundering te komen leggen van onze maatschappij. En aan alle anderen, natuurlijk. Want : kan de dood wel heersen waar liefde is ?

Death Shall Have No Dominion.

En de dood zal niet heersen
Naakt in de dood zullen ze één worden
Met de man in de wind en de westenmaan

Als hun botten schoongepikt zijn en hun skelet vergaan
Zullen er sterren staan aan elleboog en voet.

Hoewel ze hun verstand verliezen, zijn ze gezond

Hoewel ze in de zee verzinken, zullen ze weer oprijzen.

Hoewel minnaars vergaan blijft de liefde bestaan,
En de dood zal niet heersen.

En de dood zal niet heersen
Het kolken van de zee
voert hen die daar lang liggen niet zomaar mee.

Wringend op het rek, begeven pezen het
Vastgebonden aan het roer, toch breekt men niet

Het geloof in hun handen knakt in twee
En de zonden van de eenhoorn klieven door hen heen

Splijten alles op, maar breken hen niet
En de dood zal niet heersen.

En de dood zal niet heersen
Niet langer zullen zij meeuwen mogen horen,
Of golven die luid op de kust breken

Waar een bloem bloeide,
Heft zij niet meer haar kopje naar het striemen van de regen

Al zijn ze gek en dood als nagels,
Karakter hamert door madeliefjes,

Breekt door de zon, tot zij ten onder gaat.
En de dood zal niet heersen.

——————————————————

And Death Shall have No Dominion / Dylan Thomas. Neergeschreven vertaling zoals gezien in de serie Silent Witness, Death Has No Dominion, seizoen 15.

De elfde maand (in vogelvlucht)

seo zoekmachine optimalisatie 

Het is bijna zover. November. Ik kan er niet omheen, maar moet er dwars door – opnieuw. Graag of niet, je draagt het verleden altijd bij je. ’t Is de kiem voor het nu en de toekomst.

De herdenking van Den Grooten Oorlog past hierop zelfs de overtreffende trap toe : die nam een jaar-arrangement. Ariadnesdraad heeft een boon voor geschiedenis, dus daar ruim ik graag wat plaats voor in.

Die kiem, dat geldt  ook voor dit blog, beste lezer. Want Ariadnesdraad ontstond eigenlijk niet uit “joy and laughter”. Al hoop ik – meer dan stiekem – dat je dat hier wel leesgewijs beleeft … Veelvuldig ! Dit schrijfpunt werd mee geboren uit een plotsklaps verlies, dat in mijn leven een “grooten oorlog” ontketende.

Het moeras van tranen waarin ik was beland, bleek Het Land of Sorrow te heten. Ik zou er meermaals terugkeren – kortelings achtereen.

Eerst voelde het als een kolkende zee, die met woest geweld alles wegrukte…

Geleidelijk aan – denk : minuut per minuut, won ik terrein. Met de hulp van diegene die me op het blogspoor zette, Ariadnesdraad ofcourse, en natuurlijk jullie, lieve lezers. Meer dan eens waren jullie comments een pleister op mijn November-gewonde hart. En niet alléén op dat van mij, I tell you.

“Death shall have no dominion” is voor mij nimmer nog waar, maar niet meer in overheersende vorm. Een weg die ik dit jaar ook een beetje via m’n columns af leg.

De kolkende zee komt aan bod in And Death Shall Have No Dominion. (3/11)

Het woest geweld verwijst naar de bulderende kanonnen in Vlaamse Velden, die luitenant John McCrae nét niet wist te overleven. Z’n pakkende beschrijving van deze nachtmerrie lukte dat gelukkig wél. De klap van de rozen (11/11) is die van kruisen en de vooruitgang die daarop heeft gebloeid. Ze moeten nog steeds spreken, jammer genoeg. In Kiev bijvoorbeeld, afgelopen februari.

Weggerukt dan weer is de Dame op de roze wolk (25/11). Sinds ze wolk-zitter is geworden voert ze de regie over het compartiment Memorie(s). Niet alleen zingen  die van Within Temptation mooi over herinneringen, ze maken er ook nog gave clipjes rond. Met speciale jurken.

Wolkdame heeft vast mijn aandacht hier naar toe getrokken door haar foto-gewijze aanwezigheid in bruidsjapon.Tja, als je dan toch als een sterretje aan de hemel staat, kan dat net zo goed met wat catwalk-allure…

In Retrospectief (18/11) link ik m’n tocht door het donker (van november) aan bloggen.

Ik neem julllie graag mee, beste lezers. Nu al ben ik blij met jullie hartverwarmende gezelschap !

Zuske Zurenbol

Mijn vader en ik doen een spelletje “wie is wie ?” boven een blikken doos. Vol zwart-witjes. Lijntjes met het verleden, dat nu even bij ons komt zitten.

Lijntjes die mijn moeder tot een historiek zou smeden. Het bleef bij “zou”, “eigenlijk”, en “was van plan”, want toen raakte de kennis-lijn kwijt.

Daarop kreeg de voormalige koekjesdoos eerst ’n laagje stof der vergetelheid, toen een paar mysteries en daarna een flinke portie beladenheid.

Nog weer later werd het Gulliver’s queeste om de beeltenissen bij mij te krijgen. Het idee dat dit deel van z’n nalatenschap mij niet of onvolledig zou bereiken deed ‘m bossemuren* aan z’n gat krijgen. Dus popte het thema ‘fotoboek’ regelmatig op in de conversaties en werd ik – geleidelijk – enlisted voor het inplakwerk.

Ik liet het gebeuren, want ik snapte wel dat dit voor Vadermans een echte ‘kelk’ zou zijn.

Happy-de-peppy worden van foto’s is een gave. Sneu, maar ik ben (vandaag) geen mens dat uren kwijt kan in een stapel albums.

’t Kan te maken hebben met het ‘kwijt en voor altijd weg’ – gevoel dat portretten bij me oproepen. Niet echt pink feelings dus, maar toch ga ik fotobundelen.  Want soms vertellen foto’s dingen die woorden niet duidelijk kunnen maken.

Woorden scheppen beelden en kiekjes anekdotes, weet ik. Kijkend naar mijn vijfde-klas foto voel ik me weer even net zo blij als toen. Ik hoor weer de stellige bewering van mijn vader “O, jahaa, die kopen we ! Allemaal ! ” Terwijl ie eerder die week nog had aangegeven het obligatie schoolfoto-koopgedoe moe te zijn … Om van het veelbetekenende lachje van mijn moeder hierop maar stilletjes te zwijgen.

Die schitterend septemberdag beent mijn vader aldus bij me binnen : “Dit zijn de plaatjes die moeten worden ingeplakt”. In zijn armen heeft ie twee dikke albums, stapels mapjes, een leger fotosplitjes, en de mystery-box named Delacre.

Ik steun bij de Hercules-job die me wacht, maar ben ook best curieuzeneuzig bij de verhalen die ik ga ontsluiten.

Konden ze maar praten, de gezichten van soms 100 jaar geleden, die ons  ernstig bekijken. Wat zou ik dat beetje meer afstand graag ruilen voor een clou. Er zit niets anders op dan het levend archief dat vader heet aan te spreken. We gaan er saampjes voor zitten en hij kraakt braaf zijn hersentjes.

Met retrospectieve blik bekijkt ie een oud dametje in voorgeschreven donkere kledij en zegt : ‘dat is Meetjen**, die hebbekiknoggekend’. Geen wonder dat ie dat bijzonder vindt, want het is mijn moeders grootmoeder. Ik staar naar een kwiek kijkend dametje wier geboortejaar dik 135 jaar terug ligt. Voor-vorige eeuws, schiet het door mij heen, terwijl ik me stiekum afvraag wat Dieke van mijn moeders prille vrijage heeft gedacht.

Vijftig tinten grijs komen voorbij. Zo is er mijn vader in soldatenkostuum en Dieke met 2 meisjes. Kleinkinderen ongetwijfeld, maar van wie ? We dichten Blondie maar toe aan de witte TantAlies***, al weten we ’t niet zeker. Nou goed, een niet-goed-geld-terug garantie is d’r niet, maar keus te over dan weer wel. Alies heeft opties  : een heule doos vol… !

We piekeren en peinzen, maar namen zijn een echt manco. “Als je ’t ni weet, schrijf je d’r maar Zuske Zurenbol bij !” Terwijl ik strijk lig, debiteert Gulliver nijver het hele scala aan bijnamen in onze familie-dynastie ; Fonske Pomphol, de Sekken, Paster Poes, Tieleke Pan en Zuske Zurenbol. 

Van laatstgenoemde hoop ik vurig dat ’t een leukerd was, want anders doen we het darling-dolletje waar het voor nu even op slaat groot onrecht… Gelukkig blijft het prachtig gekiekte babymeisje, met bruine karbonkels, karakteristieke haarkrul en dito babyvet er vrolijk bij !

De staande conclusie : Moederszus moet mee op een reisje in de tijd, om wat orde te scheppen in de massa’s Joseffen, Cissen en Peuten****. Om van de Maria’s ni te spreken … ! Een hele hemel vol ! En nu we de schepper er toch bijhalen : ik ben godsallemachtig blij dat ik ni Zuulmmaaaa heet. Brr, spaar het mij !

En de doorgeschoven taak : nog niet één plaatje plakt in. Volgens ’t adagium van mijn moeder is het nou immmers veel te mooi weer voor zulk winterwerk.

To be continued dus. Door nog te schrijven tekstballonnetjes en slecht plakkende fotohoekjes, ongetwijfeld …

______________________________________________________

* bossemuren : mieren . Hier bedoeld als ‘ongedurig worden’

** Meetje : zo werd Dieke genoemd

*** TantAlies : tante van mijn moeder en moederszus

**** Peut : verbastering van Petrus